papegaaienkennis, zieke vogels, symptomen
ziektes:
Algemeen:
Vele oorzaken kunnen ten grondslag van een zieke
kromsnavel liggen.
De kromsnavel kan een aangeboren of een erfelijke afwijking hebben.
Vaak echter moet men de oorzaak van de ziekte toch wijten aan invloeden van
buitenaf.
Psychische aandoeningen waardoor de kromsnavel zichzelf gaat plukken, gaat
schreeuwen of andere gedragsstoornissen vertoont komen relatief vaak voor.
Ook de kromsnavel die gewond raakt door ongevallen ziet men erg regelmatig.
Een foutieve verzorging en/of verkeerde huisvesting kunnen de papegaai ziek
maken.
Het geven van verkeerd, of eenzijdig voer waardoor de kromsnavel bepaalde
voedingsstoffen, mineralen of vitaminen tekort komt of juist teveel krijgt.
Vergiftiging is ook vaak de oorzaak.
Dan zijn er ook nog een aantal besmettelijke ziekten die veroorzaakt
kunnen worden door
bacteriën, virussen, schimmels en parasieten.
Een deel van deze ziekten, de veroorzakers en de symptomen worden hieronder
uiterst summier en incompleet toegelicht.
Het is zonder meer raadzaam te allen tijde met een zieke papegaai naar een
gespecialiseerd dierenarts te gaan!
Onderstaande informatie is beslist niet bedoeld om zelf te gaan dokteren maar puur om meer inzicht te geven in de complexiteit van de vele ziekteverschijnselen bij de kromsnavels.
Ik hoop dat je dit hoofdstuk uitsluitend uit
algemene interesse leest en niet omdat je kromsnavel ziek is.
Mocht je papegaai onverhoopt wel ziek zijn wens ik deze van harte beterschap!
Bacterie-ziektes:
Bacteriën zijn ééncellige organismen die zich door celdeling voortplanten. De bacterie zelf maar ook de afvalstoffen van de bacterie kan een ziekte veroorzaken. Men onderscheidt gram-positieve en gram-negatieve bacteriën. Door gramkleuring kan men gram-positieve bacteriën vaststellen. Planten en zaadeters hebben zelden of nooit gram-positieve bacteriën. Meestal worden bacteriën door bloed, ontlasting, of weefsel op een kweek te zetten vastgesteld. Sommige bacteriën kunnen met de microscoop waargenomen worden.
Escherichia coli
(zweetziekte):
Kenmerken: diaree, bloed in ontlasting
Algemeen: bacterie veroorzaakt darm- en maagontsteking. Deze bacterie is
altijd in de darm aanwezig en is noodzakelijk voor het verteren van het
opgenomen voedsel en maakt vitamine K aan. Een teveel of te weinig van deze
bacterie kan de vogel ziek maken. Een tekort kan ontstaan na langdurig gebruik
van antibioticum.
Diagnose: kweek ontlasting
Verspreiding: via uitwerpselen, via de lucht, via voedsel, via water, via
contact.
Behandeling:
antibioticum die aanslaat
Preventie:
"verzuren drinkwater"
Kropziekte:
Kenmerken: voortdurend braken, slingeren met de kop, slijmslierten uit de
snavel
Algemeen: door het slingeren met de kop gaat de hals en de kop vol zitten
met slijm,
de vogel zit met deze ziekte niet bol, veren liggen glad. Een snelle
behandeling, binnen 24 uur, met een antibioticum is noodzakelijk wil men het
leven van de vogel nog redden.
Kropziekte kan ontstaan door een tekort aan jodium.
Diagnose:
Verspreiding:
Behandeling: Antibioticum zoals Tetracycline
Preventie:
Maagschimmel zie Megabacteriën
Megabacteriën (maagschimmel):
Kenmerken: diaree,
vaak bruin, hele zaden in ontlasting, soms benauwdheid
Algemeen: bacterie veroorzaakt maagontsteking, gezonde voeding en hygiëne
voorkomt deze schimmel, zowel de kliermaag als de lever kunnen vergroot zijn
waardoor deze op de longen drukken.
Diagnose: microscooponderzoek ontlasting, banaanvormige organismen
Verspreiding: ontlasting
Behandeling: fungizone (antigistmiddel met de werkzame stof Amphotericin B)
via drinkwater of direct toegediend. (2,5 ml per liter drinkwater kuur 10 dagen)
Preventie:
"verzuren drink- en badwater"
Mycobacteriën (tuberculosis):
Kenmerken: bol zitten, vermagering,
lusteloosheid
Algemeen: bacteriologische longontsteking, bacterie veroorzaakt tuberculose
Diagnose: bij sectie zie met witgele knobbels in de organen
Verspreiding:
Behandeling: geen behandeling bekend (antibioticum zoals: tetracycline,
sulfamezathine 33%)
Preventie:
hygiëne
Ornithose zie Psittacose -
Chlamydophila
Papegaaienziekte zie Psittacose -
Chlamydophila
Paratyfus zie
Salmonella
Psittaci -
Chlamydophila (papegaaienziekte): direct naar vogelarts
Kenmerken: niet of zeer weinig eten en drinken, lusteloos veel slapen,
gifgroene ontlasting, geel urinevocht, benauwdheid, rochelen, niesen, vieze
neusafscheiding, ontsteking aan één oog.
Algemeen: bacteriologische longontsteking, deze bacterieziekte (Chlamydia-bacterie)
Chlamydophilia is besmettelijk voor mens en dier.
Vooral parkieten maar ook andere kromsnavels kunnen drager zijn van deze ziekte zonder er zelf ziek van te
worden. Zij besmetten wel andere vogels en vooral de jongen.
Papegaaienziekte is goed te behandelen met antibiotica mits men snel genoeg op de juiste manier
behandelt. Doet men niets kan de papegaai binnen één of een paar dagen sterven.
De mens heeft bij deze ziekte griepverschijnselen,
hoofdpijn, ademnood en rillingen.
Ook zij dienen direct naar een arts.
Diagnose: uitstrijkje cloaca, ontlastingsmonster, uitstrijkje ooglid,
Vaak is één oog ontstoken, de vogel knippert constant met de ogen, geel tot
felgroene ontlasting, bol zitten.
Verspreiding: contact, inademen van stofdeeltjes van de ontlasting, oog-
en neusvocht.
Behandeling: minimaal 3 weken quarantaine, antibiotica-kuur met injecties, bij
kleinere vogels medicijn via drinkwater of voer. (tetracycline)
Preventie:
hygiëne, niet alleen mest verwijderen maar ook de bodembedekking verversen,
vermijdt contact met buitenvogels, gesloten dak buitenvolière.
Pseudo vogelpest zie
Yersinia
Pseudomonas:
vogelarts raadplegen
Kenmerken:
benauwdheid, oogontsteking, groenblauwe draadtrekkende
snot
Algemeen: deze bacterie is altijd wel in kleine hoeveelheden aanwezig,
gezonde sterke dieren hebben over het algemeen genoeg weerstand. De bacterie veroorzaakt
onder andere een luchtweginfectie en is moeilijk te bestrijden omdat ze tegen
vrijwel elk antibioticum resistent is.
Mensen kunnen ook besmet worden met Pseudomonas!
Diagnose:
röntgenfoto, bloedonderzoek, endoscopisch onderzoek
Verspreiding:
ontlasting, vervuild drinkwater, beschimmeld voer
Behandeling:
Preventie:
gezond gevarieerd voer, vitamine A
Salmonella (paratyfus): vogelarts raadplegen
Kenmerken: bol zitten, vermageren, vuile cloaca, diaree, veel drinken, veel vochtige ontlasting, weinig eten,
draainek, verlammingsverschijnselen aan poten en vleugels, ontstekingen op de
huid en in gewrichten en aan ogen.
Algemeen: Deze bacterieziekte die overgebracht kan worden door
verenstof, ontlasting, via muizen en andere dieren, soms zelfs ook door de mens
zelf kan via bloed en/of ontlastingsonderzoek vastgesteld worden.
Is men er bijtijds bij dan is over het algemeen met antibiotica deze ziekte goed
te behandelen.
Een onderzoek heeft aangetoond dat het verzuren van drinkwater een
besmettingskans met deze bacterie enorm reduceert.
Bij vaststelling van de ziekte dient het hok of de kooi zeer goed ontsmet te
worden en de vogel(s) apart gezet te worden.
Diagnose: kweekcultuur uit de ontlasting
Verspreiding: vaker bij importvogels, ontlasting, ratten en muizen,
stilstaand water.
Behandeling: antibioticum zoals: tetracycline, sulfamezathine 33%
Preventie:
gezond gevarieerd voer, hygiëne, muis- en rattenvrije huisvesting.
Stafylokokken / streptokokken:
Kenmerken: oogontsteking, oorontsteking,
longontsteking, huidaandoening,
Algemeen: stafylokokken uit zich als ontstekingen en geïrriteerde plekken
op de huid soms een bacteriologische longontsteking, meestal bij verzwakte jonge
kromsnavels.
Diagnose: bloedonderzoek, kweek,
Verspreiding:
Behandeling: antibiotica (vele vormen zijn reeds resistent)
Tuberculosis zie Mycobacteriën
Yersinia (pseudo vogelpest):
Kenmerken: lusteloos, gewichtsverlies,
ademnood, verlammingsverschijnselen, witte diaree, gele natte ontlasting
Algemeen: Vogels sterven meestal binnen 2 weken, komt vaker voor bij open
volière door ontlasting van wildvogels.
Diagnose: kweekcultuur
Verspreiding: via ontlasting van vogels en knaagdieren
Behandeling: antibiotica,
Virus-ziektes:
Virussen hebben een cel nodig om zich in te kunnen
vermenigvuldigen en hebben géén eigen stofwisseling.
Ze zijn uiterst klein en uitsluitend met een elektronenmicroscoop waarneembaar.
Virussen worden veelal via de lucht verplaatst. Er bestaan geen geneesmiddelen
tegen virussen.
Lichaamseigen afweerstoffen kunnen virussen bestrijden en in toom houden.
Een goede hygiëne, goede voeding en tijdig vaccineren verkleint de kans op een
virusbesmetting.
*Adenovirus:
Kenmerken:
Algemeen:
Diagnose:
Verspreiding:
Behandeling:
APV
- avian polyomavirus (kruipersziekte)
Kenmerken: jongvogels hebben geen dons, verwerken moeilijk het opgenomen
voer, last van blauwe plekken en hebben bloedingen, opgezwollen buik,
verschrompelde pootjes en tenen bij kuikens, uitdrogingsverschijnselen,
bloedpennen, plotselinge uitval van slag- en staartveren..
Algemeen:
Volwassen vogels worden van dit virus meestal niet ziek maar het virus blijven
ze altijd bij zich dragen.
Komt veel voor bij parkieten, maar alle papegaaien zijn
er gevoelig voor.
Diagnose: bloedonderzoek, uitstrijkje uit de claoca.
Besmetting door kontact, verenstof en ontlasting, meestal meerdere maanden tot
een half jaar besmettelijk.
Dit virus dat vaker voorkomt bij de jongen van
verzwakte ouders. (vaak bij het 2e legsel)
Sterfte onder de jongen, deze hebben vaak een gezwollen ronde buik, hebben weinig
of geen donsveren. Overleven deze vogels dan zullen
de vleugel- en staartveren slecht ontwikkelen. Deze vogels zullen nooit vliegen.
De ziekte komt vaker voor bij ara's, edelpapegaaien, aratinga's, caiques,
agapornissen en diverse kleine parkieten.
De grijze roodstaart en kaketoe hebben hier relatief weinig last van.
Verspreiding: veerstof, huidschilfers, ontlasting, speeksel, bloed en via de lucht.
Behandeling: extra vitaminen toedienen, 25 weken quarantaine dan opnieuw laten testen, is de vogel
nog steeds positief zal deze altijd drager zijn besmettelijk blijven voor andere
vogels.
Preventie: regelmatig desinfecteren van broedblok, gebruik ionisator,
goede ventilatie.
Onder andere in de VS, Duitsland en België is preventieve vaccinatie
mogelijk!
Circovirus zie PBFD
*Flavivirus:
Kenmerken:
Algemeen:
Diagnose:
Verspreiding:
Behandeling:
KDS (Kliermaag Dillitatie Syndroom)(PDD):
vogelarts raadplegen
Kenmerken: hele zaadjes in de ontlasting, vaak opgeven,
minder eten, soms veel eten en toch vermageren, epilepsie.
Algemeen: De virusziekte KDS (kliermaag verwijdings syndroom)
is een moeilijk vast te stellen ziekte die flink besmettelijk is.
Dit virus tast onder andere de krop de spiermaag de kliermaag en het darmkanaal
aan.
Voeding kan zich opkroppen zodat de vogel gaat opgeven, als de spiermaag niet
goed werkt vindt men hele zaden in de ontlasting.
Een echte behandeling voor deze ziekte bestaat niet, 5 tot 10% van de besmette
vogels sterven vrij vlot.
Overgebleven vogels kunnen nog een flinke tijd leven bij voeding met pellets,
maar blijven wel besmettelijk!
Met name de ara, de grijze roodstaart en de kaketoe zijn gevoelig voor dit
virus.
Diagnose: biopten (stukje weefsel) van krop, darm of kliermaag.
Verspreiding: waarschijnlijk via ontlasting en braaksel
Behandeling: blijvend quarantaine, geen behandeling bekend
Kruipersziekte zie APV - avian polyomavirus
NCD (newcastle disease) pseudo vogelpestvirus:
Kenmerken:
evenwichtsstoornissen, sufheid, ademhalingsproblemen, aantasting
maagdarmkanaal en zenuwstelsel, vochtige neusgaten, verlammingsverschijnselen,
diaree
Algemeen:
pseudo vogelpestvirus is een influenzaziekte (Aviaire Influenza), ook bekend
onder de afkorting PMV1 (paramixovirus type 1) kent geen
behandeling, vooraf vaccinatie is mogelijk. Uiterst besmettelijk, komt
hoofdzakelijk voor bij hoendervogels.
Diagnose: bloedonderzoek, laboratoriumonderzoek aangetaste organen.
Verspreiding: via lucht (ademhaling), via mest, via direct contact
Behandeling: géén, besmette dieren worden gedood
Preventie: vaccinatie (bescherming maar een paar maanden)
Pacheco (ZvP)
herpesvirus:
Kenmerken:
sufheid, overgeven, diaree, groengele of oranje urine, weinig eten, epilepsie
Algemeen: herpesvirus, leverbeschadiging mogelijk
Diagnose: sectie
Verspreiding: kontaktbesmetting, ontlasting, vogels kunnen drager zijn
Behandeling: hygiëne, alles ontsmetten, vogels apart zetten, goede
krachtvoeding, vaak dodelijk,
*Papillomatosis:
Kenmerken: uitstulpsels op cloaca, bultjes, knobbeltjes, wratjes
Algemeen: virusziekte bij ara's en amazones, vaak
uitsluitend bij importvogels
Diagnose:
Verspreiding:
Behandeling:
PBFD (psittacine beak and feather disease - Circovirus
= bek-
en verenrot): vogel direct van
andere vogels afscheiden. ... naar dierenarts.
Kenmerken: bij baby-vogels (die vaak al
vóór de geboorte besmet kunnen zijn) is het moeilijk te zien.
Aangetaste veren, uitgevallen veren met bloed aan de penpunten, waarbij de
penpunten deels erg dun zijn, kale rode plekken, glimmende snavel, verkleuring
van de snavel, zweertjes op de bovensnavel, aangetaste teennagels,
evenwichtsstoornissen.
Algemeen:
Deze virusziekte tast het hele gestel
aan is is uiterst besmettelijk. Een volwassen papegaai kan drager zijn en op een
gegeven moment breekt het door. Genezing is tot nu toe nog maar uiterst zelden
gelukt. Kakatoes en grijze roodstaarten zijn hier zeer bevattelijk voor. Oudere
dieren (vanaf ca. 6 jaar) kunnen spontaan genezen van een besmetting.
Diagnose: bloedonderzoek
Verspreiding: verenstof, ontlasting, direct
en indirect contact
Behandeling: meteen quarantaine geen behandeling mogelijk!
klik "hier" voor meer
informatie!
PDD (Proventricular Dilatation Disease): zie KDS
Polyoma zie APV
Pokken:
Kenmerken: ademhalingsproblemen, pokken op huid, poten
en oogleden.
Algemeen: komt vaker voor bij kanaries, zeer moeilijk kwijt te raken virus
Diagnose:
Verspreiding: lichaamsvocht,huidschilfers, insecten (mug), door wildvogels
Behandeling:
Preventie: vaccinatie voor herfstrui (bescherming maar een paar jaar)
Pseudo
vogelpestvirus\zie NCD
Reovirus:
(Respriation Enteric Orphan virus)
Kenmerken: passief gedrag, weinig of niet eten,
geel-groen diarree, eventueel bloed in ontlasting, ademhalingsproblemen.
Algemeen: het reovirus tast de weerstand van de vogel aan. Bij
papegaaiachtigen zijn met name de Australische parkieten vatbaar voor dit virus.
Het reovirus is soortgebonden, dus het reovirus bij katten is niet besmettelijk
voor papegaaien.
Het kan op zeer korte termijn een groot deel van een vogelbestand uitroeien.
Het virus is meestal actief in de koude maanden.
Diagnose: autopsie, aangetaste milt en lever. Soms ook de longen.
Verspreiding: ontlasting, direct contact, verspreiding door stof in de lucht
Tentoonstelling in Brabant zijn reeds vanwege besmettingsgevaar van dit virus
afgelast.
Behandeling: geen behandeling bekend, er is nog geen vaccinatie ontwikkeld
zoals bij kippen.
Preventie:
een goede
hygiëne, quarantaine (ca 5 weken) bij verdacht.
*Rotavirus:
Kenmerken:
Algemeen:
Diagnose:
Verspreiding:
Behandeling:
*Togavirus:
Kenmerken:
Algemeen:
Diagnose:
Verspreiding:
Behandeling:
Schimmel-ziektes:
De schimmel is een primitieve plantaardige meercellig
organisme. Ze worden meestal geïdentificeerd door een kweek. De sporen van
schimmels worden vaak via de lucht verspreid.
Vogels die veel antibiotica krijgen zijn erg gevoelig voor schimmels.
Schimmels zijn vaak de oorzaak dat de kromsnavel gaat
plukken.
Te droge, te natte, de warme of een te koude omgeving kunnen alle een oorzaak
zijn om schimmels versneld te laten ontwikkelen.
Om de 3 a 4 dagen de vogel wassen met water + imaverol en dat zo'n 16 keer dan
is de vogel meestal bevrijdt van de schimmel.
Aspergillosis (schimmelziekte)
Kenmerken: aangetaste ademhalingswegen, zwaar ademen, ontstoken oogleden
mogelijk, kop naar een kant gedraaid, bol zitten, groene ontlasting in
combinatie met niet eten.
Gapen en gelijktijdig klikgeluiden afgeven.
Algemeen: Schimmels zweven altijd door de lucht, de vogels worden er
altijd wel mee geconfronteerd. Normale schimmelbelastingen leveren bij de
gezonde vogel geen problemen op.
Schimmelconcentraties, met name in een warme, donkere, vochtige en zuurstofrijke
omgeving waar bijvoorbeeld voedselresten liggen belasten de gezonde vogel
natuurlijk veel meer.
Zwakke vogels met weinig
weerstand zijn veel bevattelijker voor deze schimmelziekte (Aspergillus Fumigatus) die
met name groeien in de luchtzakken en ademhalingswegen.
Vogels verzwakken onder andere door eenzijdige voeding, te weinig vitaminen A,
door stress en/of door medicijngebruik.
Bij de grijze
roodstaart, amazone en kaketoes komt aspergillosis redelijk vaak voor. Deze
schimmels komen overal voor en worden verspreid door de lucht. Bladeren,
ontlasting, ophopingen van vuil dient men te vermijden.
Diagnose: Röntgenfoto, bloedonderzoek,
Verspreiding: niet besmettelijk, schimmels in warme vochtige omgeving,
bedorven voedsel
Behandeling: het medicijn itrafungool (bij een
grijze roodstaart dagelijks 0,2 ml gedurende 21 dagen)
De vogel in een nevelkamer plaatsen waarin antischimmel medicijn verneveld
wordt.
Preventie:
voorkom te hoge luchtvochtigheid ( >70% )
Candida albicans = schimmelziekte
Kenmerken: aangetaste slijmvliezen in slokdarm en krop en aangetaste
snavelholte en/of tong, diaree en vies ruikende ontlasting
Algemeen: Gistachtige schimmelinfectie in de maag op de slijmvliezen en
darmen. Deze zijn altijd aanwezig samen met andere bacteriën, echter bij een
verstoring van de verhouding kan deze schimmel een overwicht krijgen op de
bacteriën waardoor het biologisch evenwicht verstoord wordt.
Deze infectie komt vaker voor bij kuikens met een verminderde weerstand, of als
ze medicijnen toegediend krijgen. Eenzijdig voeren met voer dat makkelijk gist
kan ook een oorzaak zijn.
Diagnose: microscooponderzoek slijm,
kweekcultuur
Verspreiding: Schimmelrijke omgevingen, boombladeren, gras.
Behandeling: langdurig met nystatine, behandelen met Myco 20, extra vitamine
A
Preventie:
"verzuren drinkwater"
Parasieten-ziektes:
zie hoofdstuk over parasieten!
Besmetting met parasieten gebeurt vaak via de ontlasting.
Met name vindt er een verspreiding van parasieten via in vrijheid levende vogels
plaats.
Daarom ook is het verstandig wanneer men een buitenvolière heeft deze aan de
bovenzijde af te dekken waardoor de ontlasting van wilde vogels niet zo
eenvoudig in het leefgebied van je kromsnavels terecht kan komen.
Ascariden (spoelwormen):
Kenmerken: vermagering ondanks meer eten, opgezwollen buik, weinig eten,
braken, verlammingsverschijnselen, mihoenachtige-sliertjes in ontlasting.
Algemeen: 4 tot 8 cm lange,
1 mm dikke ronde, witte of rose-achtige wormen die aan de
uiteinden spits toelopen. Valt onder de categorie
van de Nematoden (rondwormen). Ze leven van het nog onverteerde voedsel binnen de
ingewanden. Ze produceren veel eitjes die met de microscoop in de ontlasting
herkenbaar zijn.
De eitjes blijven lang actief dus omgeving heel goed desinfecteren.
Bodemscharrelaars zin extra gevoelig. (rose kaketoe)
Diagnose: microscooponderzoek ontlasting
Verspreiding: vervuilde bodem, grassprieten, ontlasting.
Behandeling: medicijnen direct of via voer of drinkwater, aaneensluitend
extra vitaminen geven. (Panacur, Fenbendazol, Levamisole, Ovorotol)
Capilaria (haarwormen):
Kenmerken: vermageren, braken, niet meer vliegen, sloomheid, bloed in de
dunne ontlasting
Algemeen: dunne 1 cm lange en 0,3 mm dikke wormpjes. Valt onder de
categorie van de Nematoden (rondwormen). Zitten op het
slijmvlies van de darm en de krop. Veroorzaken vaak een darmontsteking.
De eitjes blijven lang actief dus omgeving heel goed desinfecteren.
Bodemscharrelaars zin extra gevoelig. (rose kaketoe)
Haarwormen voeden zich met bloed, de vogel gaat mogelijk lijden aan
bloedarmoede.
Diagnose: microscopisch onderzoek ontlasting (eieren zijn bruin,
citroenvormig met doorzichtige punten)
Verspreiding: via ontlasting, vervuilde bodem
Behandeling: medicijnen direct of via voer of drinkwater, aaneensluitend
extra vitaminen geven. (Ferbendazol)
Cestoden (Lintwormen):
Kenmerken: vermageren, diaree, soms totale verstopping, bamisliertjes in
ontlasting
Algemeen: de lintworm woont in het stelsel van de maag en darmen,
ook in andere organen.
De wormeieren kunnen onder gunstige omstandigheden zelfs wel na een jaar nog
uitkomen.
De kleine lintworm haakt zich vast in het darmstelsel en veroorzaakt
ontstekingen.
Diagnose: microscopisch onderzoek ontlasting (bami-sliertjes of stukjes
aaneen)
Verspreiding: via een tussengastheer (vlieg slak, kever), vervuilde bodem.
Behandeling: medicatie (Niclosamide, Praziquantel, Panacur)
Giardia: (G.duodenalis -
G.lamblia)
Kenmerken: diaree
Algemeen: eencellige zweepdiertjes (parasieten) in de maagdarm.
Besmettelijk voor mens en dier.
Diagnose: microscopisch onderzoek ontlasting
Verspreiding: via ontlasting
Behandeling: fenbendazol (metrazol, panacur)
Kalkpoten, Kalksnavel
(Scarcoptes, Schurftmijt, Scaly face):
Kenmerken: kruimelige grijze korrels rond snavel en/of poten
Algemeen: Kalkpoten onstaat door de schurftmijt (Sarcoptes) die ondershuids
gangetjes door de bovenste huidlaag graven en daarin eitjes leggen. Mensen zijn
ook gevoelig voor de schurftmijt! Wordt ook wel schubbenkop of schurftkop
genoemd.
Diagnose: duidelijk zichtbaar
Verspreiding:
Behandeling: eenvoudig..insmeren met vaseline of olie, neusgaten
vrijhouden.
Loa Loa (Oogworm):
Kenmerken: ontsteking rondom het oog
Algemeen: komt eigenlijk alleen maar voor bij importvogels en dan nog heel
zelden.
Diagnose: oogcontrole eventueel met vergrootglas. De wormen zitten tussen
het ooglid en het hoornvlies.
Verspreiding: eten van eitjes, zitten vaak op krekels.
Behandeling: injectie Ivomec.
(Maagwormen):
Kenmerken: braken, diaree, soms totale verstopping
Algemeen:
Diagnose: microscopisch onderzoek ontlasting
Verspreiding:
Behandeling: medicatie
Sarcoptes (Schurftmijt):
zie kalkpoten
Syngamus trachea: (Gaapwormen,
Luchtpijpmijt) :
Kenmerken: benauwdheid, schorre stem, rochelen. Vogel schudt veel met
zijn kop.
Algemeen: de slijmerige worm komt als eitje het lichaam in en zoekt zijn weg
naar de luchtpijp.
Meerdere gaapwormen kunnen zelfs de verstikkingsdood tot gevolg hebben.
Diagnose: microscopisch onderzoek ontlasting. Soms ziet men de worm in de
keel zitten
Verspreiding: via ontlasting, eten van regenwormen, slakken enz.
Behandeling: injectie Ivomec.
Trematoden (Platwormen, Lintwormen):
Kenmerken: vermageren, diaree, soms totale verstopping, veel drinken.
(zie ook Cestoden)
Algemeen: een lintworm van 3 tot 25 mm die meestal zowel aan de voor
en achterzijde van het lichaam een platte zuignap hebben. Deze kan bij de
importvogel voorkomen. Ze kunnen in de darmen, cloaca, bloedvaten lever en
andere organen zitten.
Diagnose: microscopisch onderzoek ontlasting (bami-sliertjes of stukjes
aaneen)
Verspreiding: via een tussengastheer (vlieg slak, kever).
Behandeling: medicatie (Niclosamide, Praziquantel, Panacur)
Vergiftiging:
Loodvergiftiging: vogelarts raadplegen
Kenmerken: spierkrampen, epilepsie, diaree
Algemeen: het knabbelen aan glas in lood, doppen van wijnflessen, lood
in gordijnen/vitrages, lood uit soldeer.
Veelal met dodelijke afloop of blijvende orgaanschade.
Diagnose:
Verspreiding:
Behandeling:
Teflonvergiftiging: vogelarts raadplegen
Kenmerken: epilesie, ademproblemen, niezen
Algemeen: verhitten van teflonpannen (tefal) of pannen met een anti
aanbaklaag geeft giftige dampen af die
dodelijk kunnen zijn voor de kromsnavel.
Door de vergiftiging met teflondampen ontstaan er veelal dodelijke bloedingen in
de luchtzakken van de vogel waardoor de vogel door zuurstofgebrek komt te
overlijden.
Diagnose: acute ademhalingsproblemen
Verspreiding: nvt
Behandeling: vogel direct in de frisse lucht zetten, extra zuurstof geven
Zinkvergiftiging: vogelarts raadplegen
Kenmerken: futloos, weinig eten, gewichtsverlies, diarree, veel urineren,
epileptische aanvallen
Algemeen: Veel papegaaien likken en knabbelen aan metalen voorwerpen,
wees er zeker van dat deze geen zink bevatten. Ook diverse verven kunnen zink
bevatten,
Verkleuring van de veren, veren met minder kleur, epileptische aanvallen en
verenplukken kunnen door de zinkvergiftiging veroorzaakt worden.
Bij vroegtijdige diagnose is de vogel nog te redden maar vaak is met nte laat.
En is er kans op een dodelijke afloop of ernstige schade aan de organen.
alvleesklier, nieren en de lever.
Diagnose: een combinatie van bloedonderzoek en röntgen
Verspreiding: Metalen die gegalvaniseerd of verzinkt zijn of zink
bevatten, verf
Behandeling: injecties, daarna medicijnen om de zink te binden,
laxeermiddel
Preventie: alles wat mogelijk zink bevat buiten het bereik van de
papegaai houden
Andere aandoeningen en ziektes:
Gistinfectie:
vogelarts raadplegen
Kenmerken: veel slapen, veel drinken, ander eetpatroon, ontlasting
roodbruin
Algemeen:
Diagnose: onderzoek ontlasting
Verspreiding: bedorven voer, eivoer.
Behandeling: antibiotica
Rachitis: (Engelse ziekte) (Kalktekort) vogelarts raadplegen
Kenmerken: epileptische aanvallen, botvergroeiing, botbreuk,
Algemeen: komt vaker voor bij de grijze roodstaart, snavel, nagels
worden weker, botbreuken.
Door het kalktekort wordt het beenderengestel zwakker, de vogel wordt loom,
verliest eetlust en heeft pijn. Bij jonge vogels skeletafwijkingen.
Diagnose: bloedtest, röntgenfoto
Verspreiding:
Behandeling: goede voeding, extra aminozuren en vitaminen onder andere
vitamine D3, zonlicht
Legnood:
zie
"eerste hulp"
Kenmerken: bol
zitten met bolle buik, ontlasting op cloaca, weinig of niet eten, verstopping
Algemeen: een te groot ei of een ruwe eischaal kan legnood
veroorzaken
Diagnose:
Verspreiding:
Behandeling: extra beweging stimuleren door vogel ergens anders te
plaatsen, onder narcose het ei eruit masseren, cloaca met wat olie insmeren,
operatief verwijderen, wisselbaden warm/koudwater op cloaca daarna vogel warm
wegzetten
Leveraandoening: vogelarts raadplegen
Kenmerken: gelige ontlasting
Algemeen: Heeft de papegaai regelmatig gelige ontlasting (niet net na
het eten van een stukje kaas) zou dat kunnen wijzen op een leveraandoening.
Diagnose:
Verspreiding:
Behandeling:
Oogontsteking:
Kenmerken: ontsteking aan het oog
Algemeen: Bij parkieten vaak een veertje in het oog, vuil, stof.
Diagnose: Oogknipperen, geirriteerd oog, opgezet, overmatig oogvocht
en/of uitscheiding
Verspreiding:
Behandeling: veertje verwijderen, smeren met Terramycinezalf of Neo-Cortef
Staar: vogelarts raadplegen
Kenmerken: blauwige waas over de ogen
Algemeen: Staar is een ouderdomsverschijnsel waar sommige papegaaien
mee geconfronteerd worden.
Staar is niet te genezen... maar bemerkt men een blauwige waas over een of beide
ogen van de papegaai is het toch te adviseren een vogelarts te raadplegen.
Mogelijk betreft het een infectie die makkelijkt te behandelen is.
Diagnose: Blauwachtige troebele ooglens
Verspreiding:
Behandeling:
Verkoudheid: vogelarts raadplegen
Kenmerken: vochtige neusgaten, dikke snot, korsten, verstopte neusgaten,
geïrriteerde ogen, rochelend ademen
Algemeen: Verkoudheid opgedaan door tocht, of grote
temperatuurwisselingen. Oppassen verkoudheid wel behandelen en situatie
aanpassen om verdere verkoudheden te voorkomen. Een verwaarloosde verkoudheid
kan blijvende schade veroorzaken!
Diagnose:
Verspreiding:
Behandeling: Zet de vogel op warm op een tochtvrije plaats, eventueel onder
een warmtelamp. Verwijder voorzichtig snot en gedroogd snot, aaneensluitend de
neus spoelen met lauwwarm water met zout oplossing. Eventueel antibiotica.
Niesen:
De vogel kan eigenlijk twee verschillende vormen van niesen
hebben,
De droge nies:
dan is er vaak sprake van een te lage luchtvochtigheid waarbij uiteraard het
advies geldt voor een hogere luchtvochtigheid te zorgen en
De natte nies:
Bij de natte nies komt er bij de nies vochtigheid uit de neus, dat kan variëren
tussen wat doorzichtig slijm tot aan dikke groene snot. Bij de natte niet kan
men gaan denken aan een verkoudheid.